| Categorie of berekende grens | Groothandel overige tussenproducten | Groothandel in verf en verfwaren |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 410 | 380 |
| Eén werkzaam persoon | 240 | 200 |
| Natuurlijke personen | 95 | 100 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 0 | 0 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 95 | 100 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 240 plus 95. Trek daar de 410 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 0 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 95. Als aandeel van groothandel overige tussenproducten loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 0% tot 23,2%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij groothandel in verf en verfwaren
In deze tweede bedrijfstak werken 200 bedrijven met één persoon. 100 van de in totaal 380 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 0 en de bovengrens 100. De ruimte tussen beide bedraagt 100 bedrijven, tegen 95 bij groothandel overige tussenproducten. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij groothandel overige tussenproducten?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 46 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van groothandel overige tussenproducten (23,2 procentpunt), het hoogste voor groothandel in autosloopmateriaal (38,5 procentpunt). Van de 5 vergelijkingsbranches komt geen onder 23,2 procentpunt. Zelfs groothandel in olie en steenkool ligt met 25,5 procentpunt op of boven het meetpunt voor groothandel overige tussenproducten. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij groothandel in sanitaire artikelen met 390 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is groothandel in olie en steenkool met 25,5 procentpunt de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4676 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 30,6 procentpunt naar 25,9 procentpunt. Over 2 jaar is het verschil -4,7 procentpunt, of gemiddeld -2,3 procentpunt per jaar. Bij groothandel in verf en verfwaren ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 32 procentpunt naar 26,3 procentpunt. De telling van bedrijven verschil tussen de twee overlapgrenzen bleef tussen oktober 2025 en oktober 2026 afgerond op 95. Tegelijk ging het totaal van 410 naar 410. Een wijzigend aandeel kan dus ook uit de omvang van de overige groepen komen.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij groothandel overige tussenproducten vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit groothandel overige tussenproducten wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een verkoopdag wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij groothandel in olie en steenkool als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.


