| Categorie of berekende grens | Niet-gespecialiseerde groothandel | Groothandel in bloemen en planten |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 2.370 | 2.375 |
| Eén werkzaam persoon | 1.785 | 1.325 |
| Natuurlijke personen | 1.185 | 935 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 600 | 0 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 1.185 | 935 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 1.785 plus 1.185. Trek daar de 2.370 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 600 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 1.185. Als aandeel van niet-gespecialiseerde groothandel loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 25,3% tot 50%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij groothandel in bloemen en planten
In deze tweede bedrijfstak werken 1.325 bedrijven met één persoon. 935 van de in totaal 2.375 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 0 en de bovengrens 935. De ruimte tussen beide bedraagt 935 bedrijven, tegen 585 bij niet-gespecialiseerde groothandel. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij niet-gespecialiseerde groothandel?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 46 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van niet-gespecialiseerde groothandel (24,7 procentpunt), het hoogste voor groothandel in bloemen en planten (39,4 procentpunt). Van de 5 vergelijkingsbranches komt geen onder 24,7 procentpunt. Zelfs groothandel in overige machines ligt met 29,7 procentpunt op of boven het meetpunt voor niet-gespecialiseerde groothandel. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij groothandel in bloemen en planten met 2.375 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is groothandel in overige machines met 29,7 procentpunt de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2024 en januari 2025?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 4690 tussen januari 2024 en januari 2025. De uitkomst ging van 23,7 procentpunt naar 25,1 procentpunt. Over één jaar is het verschil +1,4 procentpunt, of gemiddeld +1,4 procentpunt per jaar. Bij groothandel in bloemen en planten ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 42,8 procentpunt naar 42 procentpunt. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg -15 bedrijven. De telling van bedrijven verschil tussen de twee overlapgrenzen verschoof tegelijkertijd met -20. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 25,4 procentpunt naar 24,7 procentpunt.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij niet-gespecialiseerde groothandel vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit niet-gespecialiseerde groothandel wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een verkoopdag wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij groothandel in overige machines als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.




