| Categorie of berekende grens | Winkels in fietsen en bromfietsen | Speelgoedwinkels |
|---|---|---|
| Alle bedrijven | 2.725 | 1.135 |
| Eén werkzaam persoon | 1.185 | 810 |
| Natuurlijke personen | 1.875 | 1.005 |
| Afgeleide ondergrens overlap | 335 | 680 |
| Afgeleide bovengrens overlap | 1.185 | 810 |
Bron CBS, StatLine 81589NED, SBI 2008. Een Nederlands bedrijf kan meerdere vestigingen omvatten. Percentages en grenzen zijn benaderingen op afgeronde aantallen. Januari 2024 is definitief, 2025 nader voorlopig en 2026 voorlopig. De vergelijkingsbranches zijn niet opgeteld.
Welke overlap is op basis van de marges mogelijk?
Begin met 1.185 plus 1.875. Trek daar de 2.725 bedrijven in de hele groep af. Na begrenzing op nul is 335 de ondergrens voor de overlap van de twee getelde groepen, gerekend met de gepubliceerde afgeronde waarden. De bovengrens ligt bij het kleinste losse aantal, hier 1.185. Als aandeel van winkels in fietsen en bromfietsen loopt dit rekenvenster dus van ongeveer 12,3% tot 43,5%. Het CBS heeft in deze tabel de kruising zelf niet gepubliceerd. Een precieze telling van mensen met de rechtsvorm eenmanszaak kun je er niet uit afleiden.
Dezelfde rekensom bij speelgoedwinkels
In deze tweede bedrijfstak werken 810 bedrijven met één persoon. 1.005 van de in totaal 1.135 vallen onder natuurlijke personen. De ondergrens van de doorsnede is hier circa 680 en de bovengrens 810. De ruimte tussen beide bedraagt 130 bedrijven, tegen 850 bij winkels in fietsen en bromfietsen. Hoe groter het venster, hoe minder precies een uitspraak over de combinatie van eigendom en werkverdeling kan zijn.
Welke vergelijkingsbranche ligt het dichtst bij winkels in fietsen en bromfietsen?
De vergelijking draait om de maatstaf ‘ruimte tussen de rekenkundige grenzen voor solowerk en natuurlijke personen’. Hiervoor staan 6 activiteiten uit hoofdtak 47 naast elkaar. Het laagste resultaat komt voor rekening van speelgoedwinkels (11,5 procentpunt), het hoogste voor winkels in fietsen en bromfietsen (31,2 procentpunt). Winkels in fietsen en bromfietsen ligt met 31,2 procentpunt aan de bovenkant van deze vergelijking. De meest nabije uitkomst is 30,4 procentpunt bij winkels in sportartikelen. Kies je uitsluitend op het totale bedrijfsaantal, dan kom je uit bij supermarkten met 2.745 bedrijven. Selecteer je op de gemeten verdeling, dan is winkels in sportartikelen met 30,4 procentpunt de nadere vergelijking.
Wat veranderde er tussen januari 2022 en januari 2024?
Binnen de geselecteerde januarimetingen lag de sterkste verschuiving per jaar voor SBI 47641 tussen januari 2022 en januari 2024. De uitkomst ging van 18,9 procentpunt naar 25 procentpunt. Over 2 jaar is het verschil +6,1 procentpunt, of gemiddeld +3,1 procentpunt per jaar. Bij speelgoedwinkels ging dezelfde maatstaf over die twee peildata van 14,9 procentpunt naar 16,7 procentpunt. De verandering van het totaal tussen oktober 2025 en oktober 2026 bedroeg +130 bedrijven. De telling van bedrijven verschil tussen de twee overlapgrenzen verschoof tegelijkertijd met +115. Daardoor veranderde de gekozen maatstaf van 28,3 procentpunt naar 31,2 procentpunt.
Voor een check van je eigen ondernemersrol zegt het rekenvenster bij winkels in fietsen en bromfietsen vooral wélke informatie nog ontbreekt. Vraag aan een ondernemer uit winkels in fietsen en bromfietsen wie voor eigen rekening werkt, wie bepaalt hoe een verkoopdag wordt uitgevoerd en welke afspraken er gelden bij afwezigheid. Gebruik de uitkomst bij winkels in sportartikelen als tweede vraag, niet als een juridisch advies over jouw bedrijfsvorm.


